Welkom op het rennerskwartier!
Je bevindt je op het vroegere rennerskwartier ook wel de paddock genoemd. Hier konden de coureurs zich afzonderen van het publiek en zichzelf klaarmaken voor de wedstrijd. Op het rennerskwartier vond je ook de pitstraat, waar monteurs de motoren klaarstoomden voor de race.
Het rennerskwartier was ook de plek waar privécoureurs sliepen en leefden, samen met hun monteurs en naasten. In de jaren ’50 trok een groep dappere privérijders van circuit naar circuit, een levensstijl die aan een circus deed denken. Met volgepakte vrachtwagens, caravans en auto’s trokken ze samen op en vestigden ze zich in rennerskwartieren.
Deze privécoureurs leefden voor de mot…
Welkom op het rennerskwartier!
Je bevindt je op het vroegere rennerskwartier ook wel de paddock genoemd. Hier konden de coureurs zich afzonderen van het publiek en zichzelf klaarmaken voor de wedstrijd. Op het rennerskwartier vond je ook de pitstraat, waar monteurs de motoren klaarstoomden voor de race.
Het rennerskwartier was ook de plek waar privécoureurs sliepen en leefden, samen met hun monteurs en naasten. In de jaren ’50 trok een groep dappere privérijders van circuit naar circuit, een levensstijl die aan een circus deed denken. Met volgepakte vrachtwagens, caravans en auto’s trokken ze samen op en vestigden ze zich in rennerskwartieren.
Deze privécoureurs leefden voor de motorsport, ondanks de vele uitdagingen en onvergetelijke camaraderie. Zo moesten kosten voortdurend afgewogen worden tegen de mogelijke beloningen, terwijl fabriekscoureurs met de steun van hun merken luxueus rondreisden en de meeste prijzengelden wonnen. In de jaren ’70 verbeterden de voorzieningen op de rennerskwartieren.